Nieuws
Diverse pesticiden en contaminanten in kruiden en specerijen
Waarom kruiden en specerijen risicovolle grondstoffen zijn
Kruiden en specerijen behoren tot de meest uitdagende productgroepen op het gebied van voedselveiligheidsmonitoring. Hun wereldwijde productie, gefragmenteerde toeleveringsketens en complexe behandeling na de oogst dragen bij aan een hoog en divers risicoprofiel voor contaminatie.
Ze worden vaak geteeld in tropische en subtropische regio’s waar de druk van plagen en schimmels groot is. Na de oogst ondergaan ze droog-, verwerkings- en transportprocessen over lange afstanden, vaak onder beperkt gecontroleerde omstandigheden. Deze factoren samen maken kruiden en specerijen bijzonder kwetsbaar voor verschillende soorten pesticiden en contaminanten.
Binnen het Europese Rapid Alert System for Food and Feed (RASFF) behoren residuen van pesticiden nog steeds tot de meest gemelde problemen voor kruiden en specerijen.
Algemeen gebruik van pesticiden
Door de hoge plaagdruk in warme klimaten is het gebruik van pesticiden gebruikelijk bij de teelt van kruiden en specerijen.
Bladkruiden zoals peterselie, basilicum, munt en koriander zijn bijzonder gevoelig voor schade door insecten en schimmels, waardoor insecticiden en fungiciden vaak worden toegepast.
Specerijen afkomstig van zaden, schors of gedroogde vruchten hebben tijdens de teelt doorgaans minder last van schimmeldruk, maar bestrijding van insecten blijft essentieel, zowel op het veld als tijdens opslag. Daarnaast worden soms behandelingen na de oogst toegepast om gedroogde producten tijdens transport en opslag te beschermen.
Ethyleenoxide
Hoewel het geen conventioneel pesticide is, vormt ethyleenoxide één van de belangrijkste voedselveiligheidsproblemen die specerijen de afgelopen jaren hebben getroffen. In sommige regio’s wordt het gebruikt als fumigatie- en sterilisatiemiddel om microbiële contaminatie te verminderen. Het gebruik ervan in levensmiddelen is echter verboden binnen de EU.
Desondanks wordt ethyleenoxide herhaaldelijk aangetroffen in geïmporteerde specerijen, wat heeft geleid tot productterugroepingen en weigeringen aan de grens.
Chlorpyrifos
Een organofosfaat-insecticide dat historisch werd gebruikt voor een brede bestrijding van plagen. Het werd veel toegepast in specerijproducerende regio’s zoals India, Vietnam en delen van Afrika. Door het uitgebreide historische gebruik worden nog regelmatig residuen aangetroffen in geïmporteerde producten.
Imidacloprid
Een systemisch neonicotinoïde insecticide dat wordt ingezet tegen zuigende insecten zoals bladluizen en witte vliegen. Het kan via de bodem, zaden of bladbehandeling worden toegepast. Omdat het door de plant wordt opgenomen, kunnen residuen aanwezig blijven tot aan de oogst en tijdens het droogproces zelfs geconcentreerder worden.
Cypermethrin
Een pyrethroïde insecticide dat werkzaam is tegen een breed scala aan insectenplagen. Het wordt veel gebruikt bij de teelt van komijn, koriander, chilipeper en diverse bladkruiden. De stabiliteit onder veldomstandigheden draagt bij aan het blijvende, brede gebruik ervan.
Contaminanten in kruiden en specerijen
Mycotoxinen
Mycotoxinen zijn toxische verbindingen die worden geproduceerd door schimmels zoals soorten van het geslacht Aspergillus. Aflatoxinen en ochratoxine A zijn de meest relevante mycotoxinen in kruiden en specerijen. Deze contaminanten ontstaan doorgaans wanneer producten tijdens het drogen of de opslag worden blootgesteld aan vochtige omstandigheden. Specerijen zoals chilipoeder, paprikapoeder, peper en nootmuskaat zijn hier bijzonder gevoelig voor.
Pyrrolizidine-alkaloïden (PA)
Pyrrolizidine-alkaloïden zijn natuurlijke toxines die door bepaalde plantensoorten worden geproduceerd als verdedigingsmechanisme tegen planteneters. Contaminatie ontstaat wanneer PA-producerende onkruiden onbedoeld samen met kruiden of specerijen worden geoogst. Dit is vooral relevant voor producten zoals oregano, komijn en kruideninfusies, waarbij veldcontaminatie met onkruiden zoals Senecio of Heliotropium kan voorkomen.
(Lees ons volledig artikel over PA's in kruiden hier)
Procesgerelateerde contaminanten: PAK’s
Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s) kunnen ontstaan tijdens traditionele droogprocessen waarbij directe rook of open vuur wordt gebruikt. Dit is vooral relevant voor specerijen zoals paprika, chilipeper en peper wanneer rookdrogen of roostertechnieken worden toegepast.
Milieucontaminanten en zware metalen
Kruiden en specerijen kunnen ook zware metalen bevatten zoals lood, cadmium, arseen en kwik. Deze kunnen in de toeleveringsketen terechtkomen via verontreinigde bodems, irrigatiewater, atmosferische depositie of contact met vervuilde droogoppervlakken.
In sommige gevallen zijn verhoogde loodgehaltes ook in verband gebracht met opzettelijke vervalsing, zoals het toevoegen van loodchromaat aan kurkuma om de kleur te versterken.
Waarom het testen van kruiden en specerijen analytisch uitdagend is
De complexiteit van kruiden en specerijen maakt deze producten bijzonder veeleisend vanuit analytisch oogpunt.
Belangrijke uitdagingen zijn:
- complexe plantaardige matrices;
- lage residuniveaus die gevoelige detectiemethoden vereisen;
- concentratie-effecten als gevolg van droging;
- aanwezigheid van meerdere contaminantklassen in één monster;
- variabiliteit in herkomst, verwerking en opslagomstandigheden.
Robuuste multiresidumethoden en geavanceerde instrumentele technieken zijn daarom essentieel voor betrouwbare monitoring.
Gezien deze complexiteit blijven voortdurende monitoring en geavanceerde analytische testen essentieel voor importeurs, levensmiddelenproducenten en toezichthouders om naleving van de regelgeving te garanderen en de consumentveiligheid binnen een mondiale toeleveringsketen te beschermen.